|
|
|
Topaanbieding |
Paleis NoordeindeWillem Goudt
De geschiedenis van het paleis Noordeinde kan worden teruggeleid tot de persoon van Willem Goudt, die in de loop van een aantal jaren gronden had verworven met een boerderij op de plaats waar nu het paleis staat. Den Haag was toen nog maar een dorpje en het Noordeinde was de toenmalige weg naar Scheveningen. Willem Goudt was langzaam op de maatschappelijk ladder opgeklommen en wilde nu status. Met gebruikmaking van het muurwerk van de boerderij, liet hij een woning neerzetten, die de toets der kritiek van die tijd wel kon doorstaan. Het gebouw dat ontstond had een toren met een windvaan, die van verre te zien was, net als de adellijke huizen in Wassenaar.BrandtwyckToen Willem Goudt stierf had hij maatschappelijk inderdaad een statusvolle positie bereikt. Hij was intussen heemraad van Delfland geworden. Hij stierf in 1544 en zijn weduwe hertrouwde een jonkheer. Maar dit echtpaar slaagde er in alles wat Willem moeizaam bijeen vergaard had, er in korte tijd door te jagen. Het slot van het liedje was dat Willems goederen moesten worden verkocht. Ten slotte werd het goed eigendom van broer en zus Adriana van Persijn. Zij lieten het pand nogmaals uitbreiden, zodat het werkelijke een belangrijk huis werd. Omdat Adriana het leeuwendeel van de kosten van dit huis had betaald en zij de weduwe was van Mr. Quintijn van Weijtsen, die heer van Brandwijk was, werd het huis al gauw "de huysinge van Brandtwyck" genoemd.Louise de ColignyNa het overlijden van Anna werd het pand verhuurd, maar de laatste huurder Graaf van Hohenlohe-Neuenstein verliet, op verzoek van de Staten, in 1592 het huis Brandtwijck. De Staten van Holland hadden dit huis namelijk nodig om de weduwe van Willem de Zwijger onder te brengen. Zoals bekend was haar man, Willem de Zwijger (1533-1584) in 1584 in Delft om het leven gekomen door een politieke moord. Balthasar Geraerdts had door enkele pistoolschoten de prins van Oranje om het leven gebracht. Op dat moment was de weduwe van Willem de Zwijger, Louise de Coligny (1555-1620) nog pas een jaar met de Prins van Oranje getrouwd. Uit dit huwelijk was prins Hendrik geboren.Enkele jaren na de moord op de Prins van Oranje werd de jonge Maurits door de Staten tot Stadhouder benoemd. Hij koos het Binnenhof als residentie. Hij had de Staten verzocht om Louise de Coligny, die zich graag met haar zoontje in Den Haag wilde vestigen, aan een onderkomen te helpen. En zo betrok Louise de Coligny het Huis van Brandtwyck, dat gaandeweg de Hof van de Prinses van Oranje werd genoemd. OranjesEnige jaren later werd het huis alsnog voor haar gekocht en overgedragen aan de Oranjes. Frederik Hendrik, de zoon, van Willem van Oranje en Louise de Coligny, kocht een stuk grond achter het paleis en liet hier een tuin aanleggen, die nog steeds bestaat. Frederik Hendrik liet nog meer paleizen in de omgeving van Den Haag bouwen, waaronder het Huis ter Nieburgh en het Huis Honselersdijk. Al gauw werd daarom het paleis Noordeinde de Oude Hof genoemd. Frederik Hendrik had niet veel belangstelling voor de Oude Hof, hoewel hij er nog wel eens gasten liet onderbrengen.In 1620 overleed Louise de Coligny, die op het moment van haard dood in Fontainebleau verbleef als gaste van de Franse koningin-weduwe Maria de Medici. Het Oude Hof kwam dus leeg te staan, maar dat duurde niet zo lang, want in 1621 kwam Frederik van de Palts, die na een opstand zijn land Bohemen moest verlaten, met zijn gezin naar Den Haag. Het gezin werd ondergebracht in de Oude Hof. Hij was slechts één winter koning geweest en werd daarom de Winterkoning genoemd. De Winterkoning was een zoon van Louise Juliana van Nassau, die een dochter was van Willem van Oranje en Charlotte van Bourbon. Frederik van de Palts was dus een kleinzoon van Willem van Oranje en getrouwd met Elisabeth, de dochter van Jacobus I van Engeland. Na het overlijden van de Winterkoning in 1623 bleven zijn weduwe en enkele dochters daar nog geruime tijd wonen. Jacob van CampenOmstreeks 1640 werd De Oude Hof flink uitgebreid. De bekende bouwmeester Jacob van Campen had opdracht gekregen om de uitbreiding te realiseren. Amalia van Solms woonde hier tot haar dood in 1675. Toen werd ook dit huis, evenals de andere bezittingen van de Oranjes, de inzet voor een erfenisstrijd, die zijn weerga niet kende. De strijd ging tussen de Friese stadhouders en de koning van Pruisen, die beiden meenden de werkelijke erfgenamen van koning Willem III te zijn. De strijd sleepte zich voort, maar eindelijk, in 1732 werd de kwestie in der minne geschikt. Met het paleis in Honselersdijk kwam De Oude Hof of het Huys in 't Noordeinde, zoals het paleis intussen werd genoemd, in handen van de Pruisen, maar enkele tientallen jaren later kwamen de bezittingen in de Nederlanden tegen betaling weer terug in Nederlandse handen, in handen van stadhouder Willem V, die op dat moment de rechtmatige eigenaar werd.Noordeinde in de 19e eeuwHet paleis was inmiddels danig vervallen geraakt en moest nodig weer worden opgeknapt voor het huwelijk van Willem V met Wilhelmina, prinses van Pruisen. Zij woonden hier een aantal jaren, tot ze moesten vertrekken omdat het volk de Oranjes meer dan beu was. Hun zoon Willem, de latere koning Willem I werd hier in 1772 geboren.Na het uitbreken van de Franse revolutie, toen de Fransen Nederland veroverden, namen zij bezit van het paleis Noordeinde. Het Uitvoerend Bewind nam er zijn intrek. Na de Franse tijd vervielen alle door de Fransen in beslag genomen goederen aan de Nederlandse Staat, dus ook paleis Noordeinde. Pas in 1817 kon het, inmiddels weer geheel herstelde en herbouwde paleis ter beschikking worden gesteld aan koning Willem I. Hij gebruikte het paleis als een winterresidentie, maar hij verbleef veel in Brussel, want de zuidelijke Nederlanden behoorden toen nog tot het koninkrijk der Nederlanden. Ook Willem II was niet zo gek op paleis Noordeinde. Hij gaf er de voorkeur aan om in het paleis aan de Kneuterdijk te verblijven. En ook Willem III liet Noordeinde links liggen. Die gaf de voorkeur aan paleis Het Loo. Emma en WilhelminaDe eerste die paleis Noordeinde regelmatig ging bewonen was koningin Emma, na de dood van haar man, koning Willem III. Als koningin-regentes voor de nog niet volwassen prinses Wilhelmina, wilde ze dicht bij het regeringscentrum wonen, ook al om de prinses voor haar latere taak als koningin beter te kunnen voorbereiden.Na haar huwelijk met prins Hendrik was het ook koningin Wilhelmina die het huis regelmatig bewoonde, hoewel ze er een grote afkeer van gehad schijnt hebben, want er wordt beweerd, dat ze na de grote brand van 1948, waarbij het paleis grote schade opliep, gezegd zou hebben, dat het voor haar helemaal had mogen afbranden. Na de oorlogsjaren (1940 – 1945) heeft ze er ook niet meer gewoond, maar werd Het Loo haar woning. Het paleis werd provisorisch hersteld, maar vanaf 1975 werd het paleis toch geheel gerenoveerd en hersteld, want koningin Beatrix wilde het paleis als werkpaleis gaan gebruiken. Koninklijke StallenAan de noordzijde van de paleistuin, aan de Hoge Wal, staan de gebouwen van de Koninklijke Stallen. Deze verlenen onderdak aan de Gouden Koets en andere koetsen en voertuigen van en voor de koninklijke familie, zoals de koninklijke touringcar en de hofauto's. Koning Willem I had destijds opdracht gegeven om dit stallencomplex aan te leggen. Hij heeft zich daar persoonlijk nogal intens mee bemoeid. Ook het koninklijk Huisarchief bevindt zich in hetzelfde complex als het Paleis Noordeinde en de stallen. Dit huisarchief is bereikbaar vanuit het Noordeinde. Aan het paleis Noordeinde grenst aan de zuidzijde het pand Noordeinde Nr. 66. Dat pand wordt gebruikt door prins Willem Alexander.WerkpaleisPaleis Noordeinde wordt dus gebruikt door koningin Beatrix als werkpaleis. Met haar gezin woont ze op Huis ten Bosch, dat ook in Den Haag staat, maar wat noordelijker.Er gaan vaak stemmen op om het werkpaleis van de koningin voor het publiek open te stellen, maar dat is er tot nu niet van gekomen, waarschijnlijk omdat koningen Beatrix dat niet zo geschikt vindt. Er worden immers regelmatig ontvangsten gehouden en ze ontvangt hier de minister-president en haar adviseurs; op onregelmatige tijden zou het paleis dan gesloten moeten worden en dat lijkt niet in het belang van het publiek. Wel is de paleistuin overdag vrij toegankelijk. Overigens is het paleis in 2002 enige dagen min of meer toegankelijk geweest voor het publiek, omdat Prins Claus hier na zijn dood enige dagen werd opgebaard. Het publiek kon hier afscheid van hem nemen. Literatuur- Paul den Boer, Het huys int noorteynde, het koninklijk paleis Noordeinde historisch gezien, Zutphen, 1986.- Cobi van Mourik, Vorstelijke huizen en paleizen, Breda, 1990. - Piet Lekkerkerk, Paleis Noordeinde, Zutphen, 1991 (serie Kleine Monumentenreeks). - Hans Hoogendoorn en Ernest Kurpershoek, Huizen van Nassau, een gids langs de kastelen en paleizen van een vorstengeslacht, Den Haag, 2001. Op dit artikel berust copyright.
Ben Hendriks, 1999 - 2003 Kastelenkenner en auteur van Nederlandse kastelen: van motte tot buitenplaats en Nederlandse Kastelen op cd-rom Informeer uw vriendenGeef uw reactie via Facebook of laat weten wat u vindt van dit artikel via of Twitter of Google +1
Follow @absolutefigures Lees verder over kastelen: meer kasteelinformatie Nederlandse Kastelen Nederlandse kastelen: van motte tot buitenplaats Nederlandse Kastelen bekijken Dossier Kastelen Clingendael te Wassenaar Drakensteyn Paleis Op Den Dam Paleis Soestdijk |
Leestip Kastelen
Neem een gratis abonnement op onze Kastelen Nieuwsbrief.
Een nieuwsbrief vol nieuws, tips en wetenswaardigheden over Nederlandse kastelen en paleizen. Geschiedenisboeken
Geschiedenis cd-rom
Ruud van Capelleveen laat met Koning Eenoog zien dat geschiedenis niet saai is en zeker niet dor beschreven hoeft te worden. De foto’s zijn paginabreed en illustreren de artikelen op treffende wijze.Deze cd-rom bevat veel informatie. U zult uren genieten van Koning Eenoog.
Wilt u meer weten over geschiedenis ? |
|
Copyright 1998 - 2012 AbsoluteFacts.nl is een uitgave van Absolute Figures
|


De
Met deze cd-rom kunt u vele uren genieten van de rijkdom van onze vaderlandse geschiedenis en in het bijzonder van de prachtige kastelen en huizen die Nederland rijk is.
Met 'Nederlandse kastelen: van motte tot buitenplaats' heeft Ben Hendriks een zeer toegankelijke studie geschreven over de geschiedenis van Nederlandse kastelen en het leven op kastelen door de eeuwen heen.
Ruud van Capelleveen laat met Koning Eenoog zien dat geschiedenis niet saai is en zeker niet dor beschreven hoeft te worden. De foto’s zijn paginabreed en illustreren de artikelen op treffende wijze.